Brachytron

Nederlandse Vereniging voor Libellenstudie

Libellen

 

Aanwijzingen auteurs NVL Nieuwsbrief

Onderwerpen


In de Nieuwsbrief komen onderwerpen aan de orde die te maken hebben met de Nederlandse libellenfauna. Daarbij valt te denken aan de verspreiding en het voorkomen van libellen (inventarisaties, bijzondere vondsten, regionale en landelijke overzichten, invasies), uiterlijk (herkenning, afwijkingen), gedrag, ecologie (biotoopvoorkeuren, natuurlijke vijanden), bescherming (beheer, natuurbeleid), boekrecensies, de geschiedenis van de libellenkunde in Nederland enzovoorts.

Bericht

Een bericht kan een zeldzame soort betreffen, maar kan ook een verslag zijn van een klein ecologisch onderzoekje. Mededelingen van een minder formele aard kunnen beter (en sneller!) in de nieuwsbrief worden geplaatst.

Namen

Voor zowel de Nederlandse als wetenschappelijke namen wordt de veldgids van Bos & Wasscher aangehouden. In de titel en de eerste keer in de tekst moeten beide namen voluit genoemd worden, met de wetenschappelijke tussen haakjes. Daarna kan volstaan worden met één van beide namen, waarbij de genusnaam tot één letter afgekort wordt. Alleen wetenschappelijke soort- en genusnamen moeten cursief geschreven worden (dus Coenagrion wel en Coenagrionidae niet). Zij moeten tussen haakjes indien zij een Nederlandse naam volgen. De plantennamen volgen de laatste druk van Heukel's flora. Voor morfologische terminologie wordt bij voorkeur de Nederlandse in Bos & Wasscher gebruikt en indien noodzakelijk de wetenschappelijke in Geijskes & van Tol.

Literatuur

De literatuurlijst mag alleen titels bevatten waarnaar in de tekst verwezen wordt. Dit gebeurt aan het eind van de regel of alinea met de betrokken informatie, tussen haakjes. Tussen auteur(s) en jaartal moet een komma, tussen meerdere referenties een puntkomma. Meerdere artikelen van één auteur uit één jaar worden onderscheiden met een a, b enz. Indien er meer dan twee auteurs zijn wordt de eerste auteur met de toevoeging et al. genoemd. De artikelen worden alfabetisch naar auteur gerangschikt. Bijvoorbeeld: (Davids, 1988a; 1988b; Keijzer & Oerlemans, 1996; Van der Wal et al., 1979). De opmaak in de literatuurlijst is als volgt:

Dijk, G.H. van, K.V.L. Mulder & D. Zijlstra, 1996. Het voorkomen van het Lantaarntje (Ischnura elegans) in onze achtertuin. Maandblad voor waarnemers 2(5): 34-67.

Tijdschrift titels worden nooit afgekort.

Getallen

Getallen tot en met twintig worden voluit in letters geschreven. Voor getallen groter dan twintig en voor een datum worden cijfers gebruikt. Bijvoorbeeld: "Op 3 en 14 juni werden respectievelijk vijf en 38 larvehuidjes geraapt."

Aanleveren

Teksten moeten gedrukt en als WP of Word bestand worden aangeleverd op het redactieadres. Het bestand kan per e-mail worden verzonden. Gelieve zo min mogelijk te doen aan de lay-out, dat bespaart de vormgever werk. Gebruik het standaardlettertype en geen tabs, centreren, onderstrepen enzovoorts. Wel wetenschappelijke namen cursiveren.


Afbeeldingen

Grafieken en kaartjes als bestand aanleveren (liefst Excel of iets wat daarin geïmporteerd kan worden) met daarbij een voorbeeld van hoe het eruit moet komen te zien. Voor tekeningen graag het origineel aanleveren. Foto's worden in zwart-wit afgedrukt, houd daar rekening mee bij de selectie. Graag als afdruk, eventueel als dia, opsturen.

Redactiewerk

Na binnenkomst van een artikel neemt de hoofdredacteur contact op met de auteur om ontvangst te bevestigen. In samenspraak met deze redacteur wordt het artikel afgerond.